Winst blijven maken als repareren de norm wordt: het kan

Repareren is veel moeilijker te verenigen met winst maken dan recycling, maar het kan wel. Dat zegt Steve Kennedy, die systeem- en veerkrachtdenken onderzoekt bij de Rotterdam School of Management. ‘Met de EU-reparatiewetgeving die nu in de maak is, zijn we er nog niet.’ 

Steve Kennedy
Steve Kennedy

Het voorstel voor reparatiewetgeving dat de EU in maart 2023 aannam, stelt een aantal eisen aan bedrijven. Ze moeten hun best doen om de standaardisatie van reserveonderdelen te bevorderen of informatie over een product toegankelijk maken waarmee onafhankelijke bedrijven reparaties kunnen uitvoeren. Het verplicht producenten ook om hun eigen producten te repareren, maar alleen binnen de wettelijke garantieperiode en alleen als het aantoonbaar goedkoper is dan vervanging door een nieuw exemplaar.

‘In de praktijk betekent de wetgeving dat bedrijven hun lineaire bedrijfsmodellen kunnen blijven hanteren – waarbij hogere verkoopcijfers meer winst betekenen – en dat ze reparaties aan onafhankelijke partijen kunnen overlaten als ze vrezen dat repareren hun verkoopcijfers negatief beïnvloedt’, zegt Steve Kennedy, universitair hoofddocent aan de Rotterdam School of Management.

   Bedrijven willen nog steeds geloven dat oneindige groei op een eindige planeet mogelijk is'

Het bedrijfsperspectief

Kennedy onderzoekt hoe systeem- en veerkracht-denken organisaties kunnen helpen innoveren om uitdagingen zoals klimaatverandering of biodiversiteitsverlies het hoofd te bieden. Maar hij is sceptisch wat betreft de bereidheid van bedrijven om innovatieve strategieën zoals repareren te faciliteren. ‘Het komt erop neer dat bedrijven nog steeds willen geloven dat oneindige groei op een eindige planeet mogelijk is’, zegt hij. ‘Ze zullen repareren niet snel omarmen, omdat de business case van repareren er over het algemeen niet al te florissant uitziet voor bedrijven die een standaard lineair bedrijfsmodel hanteren.’

Repareren kan moeilijk, complex en duur zijn, vooral als de producten niet ontworpen zijn met het oog op demontage en reparatie. Dat maakt de voor reparatie benodigde arbeidskosten vaak tot een belangrijk struikelblok, volgens Kennedy. ‘Bedrijven die repareren actief onderzoeken kunnen concluderen dat het een financieel ongunstige strategie is. En zelfs als repareren dankzij vernieuwende bedrijfsmodellen toch levensvatbaar blijkt te zijn, dan nog kunnen bedrijven terughoudend zijn om deze te adopteren, simpelweg omdat ze niet inzien dat er iets mis is met hun huidige bedrijfsmodel.’

Repareren stimuleren met belastingverschuiving

iFixit
Foto: iFixit

De tweede Integrale Circulaire Economie Rapportage (ICER), opgesteld door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL), roept de Nederlandse regering expliciet op de integratie van repareren te versnellen om zo de achterblijvende transitie naar een circulaire economie vlot te trekken. Kennedy kijkt naar het verleden in zijn poging te begrijpen hoe diepgeworteld het probleem is. ‘Vroeger had de belangrijkste winkelstraat van elke stad meerdere winkels waar je huishoudelijke apparaten kon laten repareren. Maar toen kwam de wereldeconomie op. Dankzij goedkope, geglobaliseerde arbeid en massaproductie is het nu vaak veel goedkoper om een nieuw product te maken en te kopen dan om een oud product te repareren.’

   Meer belasting op materialen en minder op arbeid, dat stimuleert repareren’

Zakelijke mogelijkheden van repareren

Door kapitalistische globalisering en de groei van de diensteneconomie is het aandeel van de productiesector in de EU-economie aanzienlijk geslonken. Ook dat heeft gevolgen voor de mogelijkheden voor repareren. ‘Veel producten die binnen de EU verkrijgbaar zijn, worden elders geproduceerd. Dus als we het over repareren hebben, moeten we dan alle defecte producten terugsturen naar Azië? Dat is geen reële optie vanwege de milieu-impact, de kosten en de tijd die ermee gemoeid zijn. Of moeten bedrijven dicht bij hun EU-klanten reparatiediensten opzetten? Dan zullen ze in Europa volledig nieuwe teams moeten opbouwen. Dat kan duur zijn en er is weinig zekerheid dat het een rendabele investering zal zijn. Het hoge belastingtarief op arbeid maakt lokale reparatie in Europa duur. Het verhogen van de belasting op materialen en het verlagen van de belasting op arbeid zal tot een ander evenwicht leiden tussen het vervangen en repareren van producten.’

Kennedy denkt wel degelijk dat nieuwe bedrijfsmodellen waarvan reparatiediensten deel uitmaken, levensvatbaar zijn. Dat vereist wel een meer vooruitstrevende manier van circulair denken van bedrijven. ‘Een hoogwaardige reparatieservice aanbieden, kan onderdeel zijn van een sterke waardepropositie voor de klant. Neem bijvoorbeeld de Fairphone. Die is speciaal ontworpen om door de klant zelf gerepareerd te kunnen worden, met behulp van handleidingen en ondersteuning. Het bedrijf onderscheidt zich van zijn concurrenten doordat klanten dit en de verminderde milieueffecten waarderen.’

   Een bedrijf dat zelf eigenaar blijft van een product, probeert dat zo duurzaam en reparabel mogelijk te maken’

Een andere manier om reparatiediensten rendabel te maken, is niet het eigendom van een product te verkopen, maar het gebruik ervan. Zelf eigenaar blijven stimuleert bedrijven om het product zo duurzaam en reparabel mogelijk te maken. Er zijn verschillende voorbeelden, zoals het leasen van fietsen en zelfs van liften. ‘Bedrijven die hun bedrijfsmodel innoveren met circulariteit als uitgangspunt, kunnen gezonde winstmarges behalen. Ook inclusief repareren. Een toenemend aantal succesverhalen en verdere educatie over de circulaire economie zal het omarmen van repareren versnellen. Consumenten die verbeterde repareerbaarheid en een krachtiger reparatiebeleid eisen, zullen hier ook aan bijdragen.’

Steve Kennedy is universitair hoofddocent aan de Rotterdam School of Management. Daar onderzoekt hij hoe systeem- en veerkracht-denken organisaties kunnen helpen innoveren om uitdagingen zoals klimaatverandering of biodiversiteitsverlies het hoofd te bieden. Hij is sinds het begin bij het Leiden-Delft-Erasmus Centre for Sustainability betrokken.


Cover white paper repairDit is een artikel uit de nieuwe white paper 'Reparatie in de Circulaire Economie: Europese wetgeving, productontwerp en verdienmodellen,' een gezamenlijke uitgave van het Leiden-Delft-Erasmus Centre for Sustainability en de faculteit Industrieel Ontwerpen, TU Delft.

Lees de white paper hier